Posts tonen met het label Bordeaux. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Bordeaux. Alle posts tonen

zaterdag 13 juni 2020

Drie stijlen Bordeaux, om met vrienden van te genieten

Château Pontet Canet

Martijn de Groot brengt drie stijlen Bordeaux op tafel. Met een knipoog. Want van drie continenten en drie decennia. Een klassieke proeverij, met een witte Chassagne-Montrachet vooraf en Sauternes als uitdrinker. Eigenlijk wijnen om met vrienden van te genieten, zoals Alfred Tesseron zegt. In mijn woorden: feestwijnen. Die we dus blind proefden.


De wijn gemaakt van 3 C’s: Château Musar uit de Bekaa Valei in Libanon 

Een moderne klassieker. Gemaakt van Cabernet Sauvignon, Carignan en Cinsault. Gaston Hochar maakte dit tot een cultwijn, met talloze links naar het Bordeaux gebied. Hij studeerde in Bordeaux bij de beroemde professoren Riberau en Peynaud. In de tweede wereldoorlog was Ronald Barton van Leoville Barton in Libanon gestationeerd en was een inspiratiebron voor de makers van Musar. Ik vind de wijn van Musar bijzonder omdat de wijn van jaar tot jaar enorm kan verschillen, dan eens Bordeaux stijl, dan eens Rhône achtig en soms Bourgondisch.

Jaargang 2010
Roodbruin, cederhout in een warme neus, bramen ook, zachte aandronk, prettig en verfijnd. 

Jaargang 2001
Bruiner, een erg belegen Dame, klassiek met tertiaire tonen. Erg geconcentreerd, droge afdronk, hier moet je liefhebber van zijn. 

Jaargang 1999
Roodbruine kleur, zelfde geurimpressie als in de 2010, cederhout en rozenbottel.  In het glas ontwikkelt zich wat stallucht, lucht van een boerenerf, ja, zo’n Bourgogne achtige geur. Ge-wel-dig. Voortreffelijke balans en mooie lange afdronk. Musar moet je niet te vroeg drinken, zoveel is zeker, want dán komt de echte kwaliteit goed tot zijn recht. Mijn voorkeur en dé wijn van de proeverij. Hartendief van Martijn.

De échte Bordeaux: Château Pontet Canet, de éérste biodynamisch werkende Grand Cru Classé

Dit domein maakte als eerste grote Cru de overstap naar bio-dynamisch werken. Het lijken foto’s van een halve eeuw geleden, met paard de wijngaard in. Maar nee, da’s dus actueel. Gemaakt van Cabernet Sauvignon 60%,  Merlot 33%, Cabernet Franc 4%, Petit Verdot 3%. Pontet Canet is zijn classificatie als vijfde Grand Cru Classé ontstegen. Wijnen van deze allure, Pauillac, horen natuurlijk in de liefhebberskelder. Al waren het maar enkele flessen om kroonjaren mee te vieren. De liefhebber moet echter diep in de portemonnee tasten. 

Jaargang 2013
Ondoorzichtige kleur, roodbruine rand, kersen, zwarte bes en rozen-bottel. Prima balans, nog veel te jong, goed concentraat. Andere proevers ruiken munt, rozen en een medicinaal toets. Een Beest van een wijn, ontzettend lang nahangend. 

Jaargang 2008
Klassiek, heel veel zwarte bes, meer confiture, chocolade en herstbos. Humus, veel tannines nog, een bek vol wijn, zou tikje meer verfijning mogen hebben. Hartendief van Martijn.

Jaargang 2001
Mijn voorkeur, zeer expressieve neus, uitgelaten. Cederhout, vanille. Een krachtpatser met veel mooie zuren en goede balans. Berry benoemt leer, laurier en warmte. 

Seña, de cultwijn uit de Nieuwe Wereld die op 23 januari 2004 in Berlijn Lafite en Margaux achter zich liet. 

Gemaakt van  57% Cabernet Sauvignon, 20% Carmenere, 6% Cabernet Franc, 5% Petit Verdot, 12% Merlot (afhankelijk van het jaar) en 22 maanden gerijpt op Frans eikenhouten wijnvaten. Musar en Seña zijn wijnen die in de kelder horen van de avontuurlijke wijnliefhebber. Deze twee wijnen winnen nog steeds aan prestige en hebben inmiddels ook prijzen waarvan je menig Bordeaux Grand Cru Classé kunt kopen. En dat is terecht, want het zijn topwijnen. De prijzen gaan verder oplopen, want 2015 en 2018 van Seña kregen 100 punten van James Suckling.

Jaargang 2011
Mooie neus zeg! Combineert zwarte bessen/cassis met pure chocolade en sigarenkistjes-lucht, cederhout. Hele verfijnde smaak, liefelijk, verfijnd, erg mooi. 

Jaargang 2009
Stinkertje, een medicinaal toets. Kersenjam is in ruime mate aanwezig. Hoe zeer smaken verschillen, sommige proevers doen een moord voor deze 2009, terwijl ik écht denk dat er iets met de fles aan de hand was, niet zo uitgebalanceerd. 

Jaargang 2007
Mijn voorkeur en dé wijn van de avond. Een Bourgondische expressie in de geur, schitterend zwart fruit, verfijnde aandronk, rondeur, ge-wel-di-ge balans, een droomwijn, schitterend. Hartendief van Martijn.

Voortreffelijke proeverij Martijn!

zaterdag 7 maart 2020

Drie maal klassiek

Prime Donne wijnmakers
Ongetwijfeld onze vraag wat dan precies klassieke wijnen zijn, verwacht hebbende, had Peter van den Besselaar het alvast opgezocht. Daarvoor ging hij te rade bij het wijntijdschrift uit het land der Claret-drinkende upperclass – Decanter - en bij wellicht zijn meest klassieke columnist: Andrew Jefford. Het woord ‘vertrouwen’ staat centraal in zijn antwoord. En vertrouwen, dat komt zoals eenieder weet te voet en gaat te paard. Dat onze Franse bureaucraten van de INAO er 24 jaar over deden om een gebied als Duché d’Uzès de AOC status toe te kennen, moeten we dan ook niet bekritiseren maar toejuichen, aldus Jefford. Soit.

De enige witte wijn van de avond is een (non vintage) Champagne cuvée Renée van Tribaut-Schloesser die meteen - wat scribent dezes betreft in ieder geval - ietwat tekort wordt gedaan door de leden der BWS. De wijn heeft een mooie neus, met wat notigs, maar om dit nu zoals menigeen doet “belegen” te noemen, gaat te ver. “Getoaste brioche” noemt de nieuwe voorzitter het en dat is een fijne en  passende kwalificatie. De helft van de basiswijn kreeg een houtopvoeding, en na de prise de mousse verbleef de wijn nog 6 jaar sur lattes. Zeker niet te lang voor deze wijn. Edoch: de oude voorzitter merkt op dat eerdere cuvées Rene wat jeugdiger overkwamen. Zulks een discussie laat zich schier onmogelijk oplossen, dat behoeft waarlijk een spoedig hernieuwd bezoek aan de firma Tribaut-Schloesser!

Welnu, hoog tijd voor de eerste van drie series van ieder drie klassieke wijnen. “Pinot Noir” klinkt unisono uit de kelen der BWS-leden. Maar zijn het alledrie klassieke pinots, Bourgognes derhalve? Men zou het wel denken, het thema van de avond indachtig. Wijn 1 is licht granaatkleurig, enigszins gesloten in de neus, er heeft zich wat depot verzameld in het glas. De wijn, een Mercurey 1er Cru 2011 Clos du Roy van Domaine Chanzy, heeft een aangenaam zachte aan- en afdronk, maar mist wat smaakintensiteit. De volgende wijn heeft een robijnrood blosje op de wangen, is roodfruitiger, sappig, heeft zachte tannines – alhoewel ik ook een aantal keer ‘streng’ hoor vallen: Marsannay Trois Terres 2011 Vieilles Vignes van Domaine Jean Fournier. De derde wijn is niet ieders favoriet, wel die van onze voorganger deze avond, en is de meest uitgesproken wijn. Dit is typisch Pinot Noir of, zoals uw verslaggever van dienst heimelijk dacht , Spätburgunder. Later, in de automobiel op weg naar huis blijkt de bestuurder daarvan óók de wijn als zijnde van onze oosterburen gedetermineerd te hebben. Maar de smaken die wij beiden associeerden met de Schiefferbodems van b.v. de Ahr bleken toch echt druifeigen (want: duidelijk verschillende terroirs qua bodems en klimatologisch). Het ging hier om een Vosne-Romanée 2012 van Domaine Gros Frère & Soeur. Denk verder: steen, haardvuur, mineraliteit en een fijn-elegant mondgevoel. Mooi om te zien dat een druif drie zo verschillende wijnen kan voortbrengen. En alhoewel de terroirdiversiteit dus niet zo extreem bleek als door sommigen gedacht: een uiterst noordelijke Cote d’Or is toch iets anders dan een wijn uit een van de topdorpen in dat gebied, en beiden verschillen weer van een Cote Chalonnaise als de Mercurey.


De volgende serie: drie opvallend dieprode wijnen. Ook deze serie laat zich relatief gemakkelijk duiden: waarlijk Bordeaux. We proeven linkeroever (klassiek!) Haut-Médoc, van huizen van een zekere ‘nobesse oblige’ statuur. De elegante en smakelijke (kers, hout, mooie smaakvoortzetting, proeft tegelijk koel elegant en sappig) Pauillac Réserve de la Comtesse 2011 wordt gevolgd door een Grand Cru Classé Château Cos Labory 2009 St Estephe. Die is wat gesloten, maar geeft in de tweede proefronde wat kruidigs, wat lijm, ook dit is een zachte wijn maar wel krachtiger en alcoholischer, meer smaakvol dan de Pauillac, met een mooie balans en structuur. Het hartediefje van Peter is wijn nummer drie, de Château Gloria 2009 uit St. Julien. Die heeft een vlezige, rokerige neus, met donker fruit en vanille en rijpe tannines. De wijn heeft nog wat jaren voor zich.

Dan wordt het onverwacht moeilijk. Is de derde serie nu Rhône (de wijnen hebben minder kleur en wat zoet, dus sommige proevers achten Grenache de mogelijk dominante druif), iets nieuwe werelderigs, of ...? Het blijken drie Brunello de Montalcino, en de laatste is al meerderjarig want uit 1999. La Poderina 2009 is bleek granaatrood, vrij gesloten, wel lekker sappig en in de afdronk blijft het zoetje hangen. Weinig tot geen Italie-associaties passeren de revu in de bespreking.
Wel vergelijkbare aantekeningen bij Il Poggione 2010. Die wijn kreeg volgens de proeverijdocumentatie van de heer Parker 97, van de WineSpectator 95 en van Jancis Robinson 17,5/20 punten. Het zijn zeker mooie wijnen maar men moge vraagtekens zetten bij of dit nu klassieke Brunello’s zijn. Zie voor geinteresseerden ook dit verslag van Fred Nijhuis.  . Zeker niet klassiek qua verhaal is de derde wijn. Ze (ja, wijn is mannelijk, maar men leze verder!) toont bij goed proeven zowel qua boeket als op de tong haar gevorderde leeftijd, maar het stoort geenszins. De Prime Donne 1999 van Donatella Cinelli Colombini mag er zijn, het is een volle en rijke wijn. Donatella, telg van de Colombinifamilie (sinds 1000 nC) achter het Fattoria dei Barbi-domein, verliet dit bedrijf eind jaren 90 om voor zichzelf te beginnen. Ze kon geen wijnmaker vinden; die moest men jaren vooruitvastleggen. Gelukkig wisten ze bij de Oenologieschool van Sienna wel raad: vrouwelijke wijnmakers, die wilde geen enkel zichzelf respecterend wijnbedrijf in dienst nemen dus die waren in overvloede beschikbaar. Mitsdien wordt ook tegenwoordig deze beroemde cuvée nog gemaakt door een proefpanel bestaande uit louter vrouwen, waaronder verscheidene Masters of Wine. Zie foto boven dit artikel.


De uitdrinker van een klassieke proeverij dat is uiteraard een SauternRiesling 2010 Auslese. Deze is van Willi Haag, en de druiven komen van de de gerenommeerde Brauneberger Juffer - Sonnenuhr. Petrol- en honingaroma’s; de hoge zuren, erg hoge zuren mag ik wel zeggen, maken dat de wijn eerder fris-fruitig dan zoet over de tong rolt. Een waardige afsluiter van deze klassieker!

Proefnotities en verslag Rob van Ginneken

zondag 16 februari 2020

Trouvailles op de werkavond


We zijn het nieuwe seizoen begonnen met de gebruikelijke mix van gevarieerde wijnen, met achtereenvolgens Champagne, Chardonnay uit Alto Adige, Pinot Gris uit Elzas, twee keer Gamay uit respectievelijk Chenas en Brouilly, Sangiovese uit Toscane, Bordeaux blend uit Haut Medoc, Tempranillo blend uit Rioja, Pinotage uit Zuid Afrika, Garnacha uit Gredos/Madrid, Malbec uit Mendoza, Savagnin uit Jura en Rieslaner uit Franken.

Vertrouwde wijn: Thierry Grandin Premier Cru Champagne
Speels met mooie zuren, brioche en appeltjes, mineraal

Verrassende wijn: Château l’Etoile 1998, vin de paille
Een knipoog naar de Jura proeverij in het seizoen. Abrikoos in de geur, siroopachtige viscositeit, rijk en met goede balans.

Knipoogwijn: Conde de Valdemar 2010 Gran Reserva
Een knipoog naar de Rioja proeverij in het seizoen. Braam, pruim, sappig, goede zuren, laurier en een klein stinkertje in de neus.

Klassieke wijn: Château Belle-Vue 2005 Haut Medoc
Deze proefden we eerder in de 2013 Interessante buurdomeinen proeverij, ligt naast Giscours. Tertiaire geuren, ceder, leer, eucalyptus, grafiet. Mooi geouderd.
 
Groot potentieel wijn: Domaine Weinbach 2018 Pinot Gris Cuvée St. Catherine
Heldere wijn met geelzweem, rijke wijn met veel concentraat, frivool ook, mooie balans. Deze nog eens drinken over vijf jaar?