donderdag 26 februari 2015

Evolutie volgens Brumont: Bouscassé en Montus

Alain Brumont erft Bouscassé in 1979 en koopt Montus in 1980. In 1985 introduceert hij de cuvée Prestige van Château Montus, die door kenners al snel de “Petrus van de Madiran” wordt genoemd. Ambities realiseren vergt inspanningen. Vraagt om ervaring. Originaliteit. En ja, ook een dosis geluk. Als hij in 1991 tot Beste Wijnbouwer van de jaren Tachtig wordt benoemd door Gault Millau is zijn ster snel rijzend. De cuvée Prestige blijft overeind naast fameuze Grand Crus, sterker: de wijn wint gerust in blinde proeverijen. Château Montus staat sinds begin jaren negentig regelmatig op tafel bij de Brabantse Wijnsociëteit en veel leden leggen geregeld wat flessen Madiran in de kelder. Die kun je gerust in een hoekje wegstoppen, want de stoere tannat druif laat zijn échte kwaliteiten pas na een jaar of tien zien. Noël Geisen brengt Bouscassé en Montus in een verticale proeverij, met een twintig jaar oude wijn als oudste en vier verschillende 2010 als jongste wijn. Twaalf keer Madiran proeven. Dat is keihard werken.
 
Château Bouscassé 2006
Gemaakt van 50% tannat, 26% cabernet sauvignon en 24% cabernet franc. Kees benoemt zwarte kers, pruimen, laurier en koffie. Mijn aantekeningen: kruidig, evenwichtig, sappig met goede zuren, een stevig glas dat lang blijft nahangen. Stoofpotjeswijn. 

Château Bouscassé 2010
Gemaakt van 50% tannat, 26% cabernet sauvignon en 24% cabernet franc. Hier uiteraard tannines, stroefheid. Toos benoemt sinaasappel en rozen in de geur, ik vind de wijn al verrassend toegankelijk: rondeur, hap sap, een rijke neus met vanille. Beloftevolle wijn. 

Château Bouscassé Vieilles Vignes 1998
Just is een en al bewondering voor deze wijn: een corona in een prachtige cederhoutenkist, braam, bosbes, rood besje, chocolade, heerlijke wijn. Ik vind dat we hier duidelijk een klasse hoger proeven: kreupelhout, een duidelijke oude stallucht, daar hou je van of juist niet, ik adoreer dat, heel evenwichtig en schitterend op dronk. 

Château Bouscassé Vieilles Vignes 2007
Chocolade in de neus, maar ook wat groener, kersen en koffie, aldus Just. Ik vind de neus wat zwoeler, duidelijk concentraat in de smaak, een dikke krachtpatser. 

Château Bouscassé Vieilles Vignes 2010
Paarse rand en een verfijnde neus met vanille. Als een wijn jong al héél lekker is, komt het later ook wel goed met het ouderen, zegt Paul terecht. Dit is een elegante wijn, zegt Nello. Een marsepeinzoetje, bonbonblok, kers en amandelspijs, aldus Just. Ik ruik wat ijzer/roest, pruimen, ben vooral onder de indruk van de aristocratische neus, de smaak is een krachtpatser in een fluwelen handschoen. 

Château Montus Cuvée Prestige 1996
In de serie met vier Cuvée Prestige wijnen is iets wonderlijks aan de hand, na de 2010 (die Noël achteraan heeft gezet) kun je de oudere jaargangen niet goed meer proeven. In deze mate heb ik dat nog nooit meegemaakt, zegt Nello. Hij benoemt rokerigheid, tabak, fijne zuren en een sterke doordrinkreflex. Spannende wijn, is de conclusie. De wijn is mooi op dronk, kreupelhout en herfstbos in de neus, wijn met veel finesse. Moet gedronken worden, zegt Claartje.

Château Montus Cuvée Prestige 1998
Deze wijn kan nog mooier worden, zegt Claartje. Deze wijn krijgt van de meeste proevers de voorkeur om nu te drinken: donkere kleur, bruine rand. Een geur van as, ook tabak, pijptabak met Schotse caramelgeur, veel kracht en een uitstekende balans. Krachtig en sappig. 

Château Montus Cuvée Prestige 2001
Ceder en brioche, benoemt Nello. Zwart met bruine rand. Veel ramen van de kathedraal zichtbaar na walsen, dus pittig in alcohol. Jammig en vuursteen. Custardcrême, zegt Nello. Ik ruik wat cacao en eucalyptus, moet nog langer liggen om zich helemaal te geven. 

Château Montus Cuvée Prestige 2010
Voor mij is dit de mooiste wijn van de proeverij, de wijn met veel potentieel en inhoud. Een chocoladewinkel in de neus, zegt Kees. De geur is aristocratisch, cederhout en vanille naast het fruit. Fluwelen aandronk en wéér een enorme rijkheid in de smaak. Een wijn om groots feest mee te vieren. 

Château Montus XL 1995
We proefden deze wijn enkele keren eerder, oa in 2009. Willem Jan is onder de indruk: een aangename geur, impressies van thee. Goede balans. Prettig bitter, zegt Gerard, die ook wat gekookte groente determineert. Ik vind de geur nu na twintig jaar vooral mineralig, vuursteen, terroir. Een heel aristocratische wijn, hoewel ik toch de voorkeur geef aan de Cuvée Prestige. Een ballerina met gespierde dijen, visualiseert Nello.

Château Montus La Tyre 2002
Véél zwaarder, zegt Just. Een zoete aanzet met kersen en heel prettig drinkbaar, aldus Gerard. Mon Cherie en lijm, zegt Berry. Ik ruik en denk aan een bloementuin in de namiddag, enorm concentraat, een heel stevige wijn die wat meer finesse en charme zou mogen hebben.  

Château Montus La Tyre 2010
Een zoete geur, zegt Gerard. Met granaatappel in de smaak. Nog een jonkie. De geur is heel open, kersen in de neus. Aristocratisch. Ook in deze wijn komt terug wat we zien bij álle 2010, ze zijn metéén lekker en verrassend drinkbaar. De karakteristiek van hele grote jaren.

Een memorabele proeverij, Noël bedankt!



vrijdag 13 februari 2015

Portugal maakt de tongen los

 Was het de Carnaval die voor de deur staat, het te laat komen van sommige deelnemers door een bomvol parkeerterrein of toch de stand van de maan? Feit is dat het een gezellige, leerzame en af en toe zeer drukke proeverij was afgelopen dinsdag. Kees organiseerde een proeverij met Portugese wijn en vanaf het begin veel discussie.
Terwijl de eerste wijn Lusitano Branco rondging, als indrinker zullen we maar zeggen, las Kees op zijn beste Portugees voor uit de beschrijvingen. Zo blijkt Lusitano een fier en vurig paardenras te zijn. Hij wordt afgezet tegen een Chamine Branco een blend van Portugese met Franse druiven rassen (viognier en sauvignon). Volgens de beschrijving beide afkomstig uit het Californië van Portugal namelijk Alentejo. Just weet de juiste uitspraak aan te vullen dus ook op dat vlak zijn we weer wijzer geworden. Noël ruikt dennen en hars in de Lusitano en vindt hem wat rokerig en zeker warm. De tweede heeft een mooie Sauvignon neus vindt hij. Makkelijk drinkbaar maar hij mist wel wat concentratie. Rob mist een neus bij wijn twee en dat leidt ook al weer tot enige discussie. De auteur ondersteunt het standpunt van Rob in deze.

Hierna zet Kees een wijn uit Alentejo af tegen een Vinho verde. Leuk is dat het dan weer geen typische Vinho verde is dus geen bubbeltjes en dat komt onder andere doordat de Albarino druiven laat geoogst worden.Het gaat hier om de Herdade dos Grous Branco en de Reguengo de Melgaco Alvarinho. Just ruikt bij de Herdade wat frisse appeltjes en noot en proeft appelzuur en hazelnoot. Willem Jan noemt dat harsig zoals bij retsina. De Reguengo noemt Just een fruithap. Allerlei soorten fruit en een gemis aan mineraliteit wat Spaanse Albarino's kan kenmerken.

Een winnaar kiezen van deze vier witte wijnen waarin het zoet overheerst (of de zuren missen) is erg moeilijk. Een erg kleine voorkeur geniet dan toch de vurige Lusitano. Alle anderen missen allemaal iets.

Dan komt er rood op tafel en wel een Flor de Crasto 2012 en een Castello d'Alba Tinto 2012. Volgens de beschrijvingen soepel, toegankelijk, opgewekt en lekker voor de doordeweekse avond. Twan ruikt bij de eerste rozen en vindt hem klassiek. Hij heeft het woord klassiek nog niet uitgesproken of de discussie barst weer los over wat klassiek is en wat niet en of dat deze wijn dat wel of niet is. Leuke discussies die in een haast jolige sfeer verlopen. Komt dat wellicht door de wat hoge alcohol percentages die ze allemaal met zich meenemen? Henk vindt hem licht, ruikt zoete bessen en hij vindt de afdronk licht en licht zurig. Noël noemt het een moderne wijn met een kunstje. Twan geeft de voorkeur aan de tweede waarin Willem Jan ook wat chocolade ruikt. Hij vindt hem wel aan alle kanten iets te..... Rob, juist die treft een gesloten neus (Noot van de redactie: eens!). We kiezen wijn 2 als winnaar al is het voor sommigen onder protest.

Wijn nummer zeven van de avond is de Chamine Tinto 2012. Claartje heeft er wat moeite mee. Net als met meer wijnen deze avond waarvan iedere eerste slokje erg zoet is. Zoet met een hoofdletter Z zegt Gerard zelfs. Maar goed Claartje ruikt wat steen, zwavel en sigaar en noemt hem stroperig. Paul noemt hem diep rood, modern gemaakt met kwark en framboos in de neus. Maar hij vindt hem branderig door het hoge alcohol percentage. Wijn acht is het rode broertje van de het vurige paard. Een Lusitano Tinto uit 2012. Paul roemt de fijne zachte neus met vanille, hout en fruit en hij vindt de aandronk ook lekker. Echter op het eind komt de alcohol weer naar boven en met 14 procent was dat te verwachten. Ook deze ronde een overwinning voor het paard.....

Achteraf kunnen we zeggen dat hierna de serieuze wijnen waar de balans meer aanwezig is op tafel komen. Oudere wijnen ook alhoewel de beschrijvingen en aanschaf van Kees niet altijd overeenkomen met wat er geleverd is. We proeven de reserva van Casa de Saima uit 2010 en de Quinta de Foz de Arouce Tinto 2008. Twee maal de Baga druif. Blijkbaar een uitdaging voor wijnmakers vanwege de tanines en pittige zuren. Henk beschrijft een lichte neus maar ruikt later toch bessen, zoete aanzet, tabak, hout en tannine, licht bittertje. Prima wijn. Dan de tweede: Henk verwachte door een lekkerde neus vanille wat meer qua smaak. Vond hem licht, wel wat hout en tannine. Claartje kiest voor 2. Paul vraagt naar de zuren wat wederom het gesprek op gang brengt en de voorzitter ertoe dwingt de orde te handhaven. Voor nu noemen we de 1e de winnaar maar wellicht over twee jaar niet. Als ik me niet vergis was het ook geen 2008 dus dat kan best kloppen. 

Bij de laatste twee zat dan eindelijk de topper van de avond dus de opbouw had Kees goed neergezet. We kregen een Meandro 2010 (2011) en een Quinta do Crasto Reserva 2008. Over de Meandro sprak Rob: Vrij gesloten neus, mist zuren. Willem Jan is het daar helemaal niet mee eens en noemt het een melk en fruitella neus. In derde geur zelfs rozemarijn. Veel cassis in de smaak, rode paprika, peper en drop. Noël vond hem meevallen munt bessen pruimen nog niet ontwikkeld maar toch. Wel tandplak maar er zit al lijn in. Dan de laatste wijn diep donker rood. Laurier, kaneel en chocolade neus. Rob ruikt cocos wat duidt op hout. Er is wel complexiteit. Noël meer ontwikkeling wierook in de neus maar ook vet en stal. Frisse elegante wijn. Beperkt zuur maar toch elegant. Geen bitters in de afdronk. Balans. Kortom we vonden zowaar een winnaar. Daar moet dan ook wel voor in de buidel worden getast want deze is aan de prijs.
De uitdrinker? Een 5 jaar oude Madeira en die leidde tot..... ja discussie. Mag het wel mag het niet en ga zo maar door. De conclusie: Kees verzorgde een leuke gezellige leerzame avond over Portugese wijn. Wijn waar het zoet overheerst en waar we zochten naar balans en die uiteindelijk vonden. Of waren de smaakpapillen dan toch aangetast door de stand van de maan? Mijn maankalender gaf aan dat 10 februari 2015 goed was om met compost te werken, met wortel planten en dat iedereen naar de kapper had moeten gaan maar over wijn proeven? Geen woord! Tot de volgende keer!


Verslag en proefnotities Martijn de Groot

zaterdag 7 februari 2015

Pretogen en applaus

Pretogen aan het eind van de proeverij. Applaus voor onszelf, zegt iemand. We proeven trouvailles van de leden. Altijd verrassend, leerzaam en interessant. We proeven Cornalin uit Zwitserland, mousserende Bugey, Rhônewijn van Jean Luc Colombo, Margaux en Barolo in één serie naast elkaar, een klassieke Bordeaux uit topjaar 2000, en… en… Fraaie proeverij!

Steeds betere informatie op de achteretiketten, fijn!
We beginnen met een mousserende wijn uit Bugey: L Reserve 2011 van Duport die is gemaakt van chardonnay, pinot noir, aligoté en het autochtone druifje molette. Schitterende geur vond ik, met vanille, peer en gist. Een mooie expressieve wijn, zegt Claartje.

In de eerste serie proeven we Cornalin 2011 uit Zwitserland, een wijn waar we de 24 maanden fustrijping niet aan af proeven. Jammig, pruimen, peperig en een zoetje, zegt Toos. Kersen in het kwadraat proef ik, een vriendelijke en verrassende wijn. 

Guado al Melo 2006 uit Bolgheri heeft ook kers, morelkers in de geur. De wijn combineert in de smaak tannine met cederhout en een dropje. Paul ruikt sigaren. Claartje benoemt de mineralen in deze van een Bordeaux blend (cabernet sauvignon, cabernet franc, merlot) gemaakte wijn. 

Wijnmaker Jean Luc Colombo uit de Rhône doet de harten van wijnliefhebbers sneller kloppen. We proeven zijn Les Forts 2009 Côtes du Rhône. Nog jong en gesloten, proeft Toos. Dat klopt met mijn aantekening: geen allemansvriend op dit moment, nog wat straffe tannines, heel beloftevolle wijn voor over enkele jaren. 

Herade Fonte Paredo 2007 Reserva herkende ik niet als Portugees. Dit is een heel serieus glas wijn met een expressieve neus, goede balans en veel sap. Henk kan de wijn enorm waarderen: fraai en fris, vanille en goede balans. Trouvaille!

De klassieker Château La Gurgue 2008 uit Margaux staat ernaast. Een hele fraaie wijn met mint in de geur, mineraliteit en veel elegantie. Henk determineert ook bramen. Fijne wijn om in de kelder te hebben en een doordeweekse dag een zilveren randje te geven of een zondags diner mee te bekronen. 

De kleur verraadt dat we een Nebbiolo in het glas hebben: Barolo Scrimaglio 2009. De geur is expressief met die verwelkte rozentoon waar Piemonte om bekend staat. Veel kracht én souplesse. Licht bessen, zegt Henk, weinig zuren. De kleur is dakpannenbruin. Fijne wijn

Bessen, houttonen, pruimen en pittige zuren, zegt Gerard te proeven in Baron de Santuy 1996, de oudste wijn  die we proeven uit Ribera del Duero. Teer en veel alcohol, benoemt Paul. Ik ruik de kruidigheid van een sigarenkistje en de munt van After Eight. 

Een lastig thuis te brengen wijn, zegt Gerard die rozenbottel, rozijntjes, thee en een zoetzuren  aanzet proeft met een houttoets en pittige zuren bij de Barolo 2001 van Monchiero. Ook hier zit weer die rozentoon in de geur, mineraliteit en hap sap concentraat. Een Jerommekes wijn met veel kracht, zegt Noël. 

De typische klassieker is een Château Camensac uit het mooie jaar 2000. Deze Grand Cru Classé brengt een geur waar je steeds nieuwe elementen aan kunt ontdekken: boerse stallucht, espresso, eucalyptus, kersen en laurier. Wat fijn om zo’n wijn in het glas te hebben. Twan ruikt nota bene ‘rotjes’ in de wijn. Noël prijst de complexiteit en Gerard benoemt deze ‘zekerheid’ als een rijk glas wijn. 

Twee totaal verschillende uitdrinkers staan naast elkaar, ieder met eigen kwaliteiten maar volstrekt onvergelijkbaar. De derde wijn van Suduiraut, Sauternes 2003, was ooit een koopje bij de Hema voor de kenners die er een neus voor hebben. Botytris in de geur, ananas, perzik en honing, nu prachtig in balans. Een mooie dessertwijn, zegt Kees. 

Ohligsberger Spätlese 2013 van Haart is eigenlijk een kindermoord. Veel te jong om te drinken, deze Moezelwijn van topniveau. Vuursteen en fosfor, noemt Noël, ik heb daarvoor gewoon zweetlucht en stinkertje staan in mijn aantekeningen. Rijk concentraat, prachtige zoet zuur balans en vooral heeeeel veel verfijning. Deze wijn laat zich de komende vijfentwintig jaar steeds opnieuw ontdekken, iedere keer een feestje om te drinken.

Kortom lezers, we hadden in een kleine kring een uitstekende start van ons eerste seizoen in dit jubileumjaar. Veelbelovend.

zaterdag 31 januari 2015

Bekend raken met Baden

Altijd leuk, een regioproeverij van buiten Frankrijk, en van een relatief ‘obscure’ regio. Niet dat Baden nou slecht bekend staat, maar, zoals Berry Marinussen ons vroeg “Hoe vaak drink je dat nou eigenlijk, Baden?” De meesten zullen moeten bekennen: “Slechts zelden.”

De indrinker is onzuiver met volgens enkele proevers lichte kurk, maar desondanks voor veel andere proevers nog prima verteerbaar. En inderdaad heeft de wijn ook gistige tonen en een zekere verkwikkende frisheid.Dan de eerste serie wit. De twee wijnen zijn in veel opzichten elkaars tegenpool. De PIX Chardonnay wint het van de wat vlakke Auxerrois van Huber (gevalletje schoenmaker Huber, blijf bij je rode wijn leest?) die pas op het einde wat zuren geeft; de Chardonnay daarentegen is een modern gemaakte wijn met een botertje, rijp fruit, ananas en citrus, wat kruidigheid en een ronde afdronk.

Ook in serie twee verschillende wijnen: de eerste een fruitige, “dartele” (Hans L.) Grauburgunder van Dr. Heger. Bloemig, meloenthee, een prima glas. De tweede wijn, een Weissburgunder van PIX, meer voornamer, een eetwijn, minder op het fruit, koperpoetsassociatie, limoen, goede smaakvoortzetting, rinse, rulle, krachtige finale. Lekker! Blijkt weer van PIX te zijn. 

Rood! Met meteen voor mij de wijn van de avond, de basis Spätburgunder van Koning (maximale score  van GaultMillau) Huber. ”Helemaal mijn wijn,” zegt Berry – om later op de avond te preciseren dat hij het huis bedoelt: de Alte Reben blijkt toch zijn voorkeur te hebben. Voor mij niet: deze basiscuvée is robijnrood met een vrij transparante rand. Fijne neus: frambozen, tabak,vlier. Ik schreef op “mooie rijpe Bordeaux ruikt zo.” Tja. Trekt (nog) wel een beetje, lange afdronk. De andere wijn in deze serie, van Enderle & Moll, kan om voor mij onduidelijke redenen op veel sympathie van de andere proevers rekenen. De kleur is bleek granaatrood, niet helder. Typische Spätburgunderneus, aardbeien in blik, maar in de mond niet spannend, wat log zelfs, vanille. 

De eerste wijn in de volgende serie is wat “etherisch” (Noël), fruit op alcohol had ik zelf genoteerd, goed in balans, stevige, rijpe tannines. Een serieus glas, opnieuw van PIX (Cuvée Judith, met houtlagering); als kleine kanttekening wel een wat hete afdronk (alcohol). De andere wijn is lekker en kan de goedkeuring van veel proevers wegdragen, maar is mijns inziens een beetje eendimensionaal: vooral veel rokerige, vuursteenaroma’s. Soepele aanzet, makkelijk, maar mist de complexiteit die men op dit prijsniveau zou mogen verwachten: de Alte Reben van Huber. Drie keer zo duur als de basisHuber. Dan weet ik het wel...

De laatste serie rood, met blends van o.a. Cabernet en Lemberger. Allebei van PIX, de eerste de “Kamikaze” 2011, rijp zwart fruit, steeltjes, drop, iets ziltigs en wat groene tonen (Berry noemt ook ‘vegetaal’ en heeft een Loireassociatie) maar zeker niet onrijp. Noël noemt de wijn zelfs ‘zwoel’ en in soortgelijke termen wordt de wijn ook door anderen omschreven. De Rotwein PIX, hun ‘feestwijn’ volgens Berry, die alleen in goede jaren wordt gemaakt, steekt er voor mij toch nog een stukje bovenuit, met een heerlijke neus, rijp gekookt fruit, een vleugje sinaasappel, en iets harsigs (vond ook Just). Complex dus, sappig en lekker.

Baden staat niet bekend om zijn zoete wijnen. Een van de twee uitdrinkers valt toch in de smaak: de Scheurebe – een druif die mij zelden teleurstelt – is bleekgeel, met een moeilijk te omschrijven neus (wax? bloemig?) en die zo verkwikkende typisch Duitse zoet-zuurbalans. De Gewürztraminer van Ziereisen heeft het daarnaast moeilijk,maar wordt heel beeldend beschreven en herkend door Hans L: mandarijntjes op blik, en lelies.

Conclusies? Baden maakt mooie wijnen, zo veel is zeker. Grote namen (Huber): zeker bezoeken, maar wel proeven, want duurder hoeft niet perse ook voor iedereen lekkerder te zijn. En PIX: allen daarheen!

Verslag en proefnotities Rob van Ginneken